Return: Wiskunde
Home Page: http://wiskunde.wjsn.nl


Oefen-proefwerk H8 (oude boek) OF H6 (nieuwe boek)
Met de oefeningen die hieronder staan, kun je je voorbereiden op je Wiskunde Proefwerk over: Machientjes, Woordformules, Grafieken, Rekenen met "Letters" en Haakjes en dat soort dingen. Als je gebruik maakt van de EPN Methode [ Getal en Ruimte, 1HV2, oude boek met ISBN 90 11 037294 ] dan is dit de voorbereiding op Proefwerk H8 (= hoofdstuk 8).
Gebruik je het nieuwe boek met ISBN 90 11 07758 X OF ISBN 90 11 07713 X, dan is dit de voorbereiding op Proefwerk H6 (= hoofdstuk 6).


OPGAVE 1

1.a. Bereken de Omtrek van de figuur hiernaast. Herleid zo ver als dat mogelijk is.
1.b. Trek lijnen waarmee het mogelijk wordt om oppervlakten de berekenen. Gebruik potlood. Als je de figuur overneemt op je proefwerk papier, kun je ook inkt gebruiken.
1.c. Bereken daarna de oppervlakte van de figuur. Neem daarbij k = 10 cm en p = 21 cm.


OPGAVE 2 Herleid
a. 3p - 18p + 10p b. 3p(a + b) c. 5ab - 3a x 6b - 28ab
d. 16ab - ab + a e. 2q - 3(10 - q) f. 3ab + 2a x 7b
g. 3p - 6k - 2p - k h. 2ab(20 + c) i. - (12 - a - 8 + 3a + 7)

OPGAVE 3
Bij het wisselen van Euro’s in Amerikaanse Dollars betaal je altijd 2 Euro extra voor administratie-kosten. Dat geldt alleen voor kleine bedragen. Een Dollar kost 0,8 Euro; voor 10 Dollars betaal je 8 Euro’s, etc. etc.

  1. Maak een woordformule waarin "aantal Euros" voorkomt. De uitkomst moet zijn: "aantal Dollars".
  2. Verander die woordformule in een wiskundige formule. Gebruik de letter Y voor de uitkomst (dat is dus "aantal Dollars") en de letter X voor "aantal Euro’s"
  3. Maak daarna een Tabel en vul in ieder geval in: X = 10, X = 20, X = 30, X = 40, X = 50
  4. Maak tot slot ook nog een grafiek, die hoort bij de Tabel
Voor het wisselen van hele grote bedragen, moet je ook administratie-kosten betalen. Dat is wel wat meer dan 2 Euro. Wil je meer dan 10000 Euro’s inwisselen voor Dollars, dan betaal je geen 2 Euro maar 60 Euro Extra.
5. Wat is de woordformule, die bij het wisselen van grote bedragen hoort ?


OPGAVE 4
Hieronder staan wiskundige formules. Steeds wordt de letter Y gebruikt voor de uitkomst. Ook wordt de letter X gebruikt. Die X moet je steeds vervangen door andere getallen (welke dat zijn, staat hieronder).

a. Y = 10X - 18 b. Y = 2(X - 12) c. Y = - 2(20 - X) d. Y = 6(X - 15)
e. Y = - 10X + 18 f. Y = - 2(12 - X) g. Y = 2(X - 20) h. Y = 2X - 40

Bereken de uitkomsten voor alle 8 formules voor: X = 0. Doe dat daarna ook voor: X = 1 en voor X = -1. Schrijf op welke formules dezelfde uitkomsten hebben.


OPGAVE 5

Hiernaast staat een Tabel. We hebben die alvast voor je ingevuld. Probeer de twee machientjes te vinden, die deze Tabel maken. Verander daarna de machientjes in een wiskundige formule zoals Y = iets maal X + iets.
Gebruik eventueel eerst de methode met de machientjes. Zie hieronder.

invoer - 10 0 10 20
uitvoer - 5 25 55 85