|
Return: Wiskunde Home Page: http://wiskunde.wjsn.nl |
|
Regelmatige Veelhoeken
|
Hieronder staan een aantal regelmatige "veelhoeken". De "regelmaat" zit in het feit, dat alle
zijden en alle hoeken even groot zijn. Figuur 1 is een driehoek, figuur 2 een vierhoek, figuur 3
een vijfhoek, etc.. De driehoek ken je als een gelijkzijdige driehoek en de vierhoek ken je als
een vierkant. De hoeken van elke driehoek kun je berekenen of meten in graden. Als je ze daarna
bij elkaar optelt, dan kom je uit op 180°. Doe je dat bij een vierhoek, dan kom je uit op
360°. |
| figuur 1 | figuur 2 | figuur 3 | figuur 4 | figuur 5 |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
| figuur 6 | figuur 7 | figuur 8 | figuur 9 | figuur 10 |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
Regelmatige "veelhoeken" zijn symmetrische
figuren: je kunt altijd ergens een symmetrie-as vinden. Ze zijn dus allemaal
lijn-symmetrisch. Dit soort veelhoeken hebben ook met
draai-symmetrie te maken. Immers: alle hoeken zijn even groot en alle zijden
zijn even lang. Dus kun je elke regelmatige veelhoek draaien om het "middelpunt"
(= het draaipunt
dat in het midden zit). Dat betekent dat elke regelmatige veelhoek "draai-symmetrisch" is.
Als een figuur draai-symmetrisch is, dan moet je ook weten hoeveel zgn. "draai-stappen"
er zijn. Het woord "draai-stappen" wordt hier gebruikt om aan
te geven hoeveel "stappen" je nodig hebt om een volledig rondje te maken (= om weer uit te
komen bij het begin).
Om het aantal "draai-stappen" te weten te komen, moet je naar de naam kijken: bij een
regelmatige vijf-hoek is het aantal "draai-stappen" vijf, bij een
regelmatige zes-hoek is het aantal "draai-stappen" zes, etc. etc.. HOE groot
de draai-stappen zijn, kun je eenvoudig
berekenen. Een rondje = 360°. Als je daarvoor 3 "draai-stappen" nodig hebt, dan is elke
draai-stap 120° (zie figuur 1). Heb je 4 draai-stappen nodig, dan moet je dus vier keer
draaien over een hoek van 90° (zie figuur 2). Heb je vijf draai-stappen nodig, dan moet je
vijf maal draaien over een hoek van 72° (zie figuur 3), etc. etc..
SOMS kom je na 1 of meer "draai-stappen" uit op 180° en dus op een half rondje. Alleen als
dit gebeurt, dan is je figuur niet alleen draai-symmetrisch, maar
ook "punt-symmetrisch". De voorbeelden hiervan vind je bij de figuren 2, 4, 6, 8, en 10.