Terug naar Vakkenhoek


Geheimtaal: Spreektaal = de P-taal

Je kunt berichten uitwisselen met bepaalde vrienden en vriendinnen zonder dat anderen het kunnen volgen. Dat kan door een geschreven taal te gebruiken of door een gesproken taal te gebruiken. De geheime schrijftaal kun je hier ontdekken (variant 1) of hier (variant 2).
Voor de geheime spreek-taal kun je de P-taal gebruiken. Over die taal gaat deze site. Eerst volgen de 1) regels van de P-taal, daarna een 2) Oefen voorbeeld en aan het eind nog 3) wat "tips" over het leren gebruiken van de P-taal.

1) De regels. Het toepassen van de P-taal vraagt enige oefening, maar het is snel aan te leren. In de P-taal gaat het eigenlijk maar om twee simpele regels:

  1. Elk woord wordt verdeeld in lettergrepen. Voorbeelden wanneer wordt: wan + neer / klimmen wordt: klim + men / morgen: wordt mor + gen / bellen: wordt bel + len, etc.
  2. Elke lettergreep heeft een klinker (een a, e, i, o, u, ij) en direct vr die klinker komt de letter P te staan. Het woord "mor + gen" wordt dan: mpor + gpen. Het wordt uitgesproken als muhporguhpen. Het woord "klimmen" wordt dan: kluhpimmuhpen.

Je ziet dus dat er vr de P altijd een zogenaamde stomme E moet staan. Dat wil zeggen dat je de P moet uitspreken als "uh+P". Woorden die met een klinker beginnen leveren in de P-taal ook geen problemen op. Het woord "avond" bijvoorbeeld verandert in de P-taal gewoon in: uhpa + vuhpond

2) Oefen Voorbeeld:
Wanneer kom je langs? Als je geen tijd hebt, kun je me dan morgen bellen ?
Wordt eerst veranderd in:
Wn + neer kom je langs? Als je geen tijd hebt, kun je me dan mor + gen bl+ len ?
En in de P-taal wordt dit:
Wuhpnnuhpeer kuhpom juhpe luhpangs? Uhpals juhpe guhpeen tuhpijd huhpebt, kuhpun juhpe muhpe duhpan muhporguhpen buhplluhpen?

3) De P-taal snel leren
De P-taal is het snelste te leren als je een zin een paar maal hardop leest. Probeer eerst de zin "Wuhpnnuhpeer kuhpom juhpe luhpangs" een paar keer. Maak daarna andere makkelijke zinnen. Dat zijn zinnen waarin korte woorden voorkomen, die maar een lettergreep hebben. Dus zoiets als: Ans en Hans gaan naar huis maar Piet doet dat niet. [ Uhpans uhpn Huhpans guhpaan nuhpaar huhpuis muhpaar Puhpiet duhpoet duhpat nuhpiet ]
Wat ook helpt is om met namen te beginnen b.v. met je eigen naam. Als je dat een paar keer hebt geprobeerd, dan volgt de rest van zelf en kun je de P-taal gaan gebruiken. Je moet dan wel een vriend of vriendin hebben, die ook de P-taal spreekt.