Terug naar Informatiekunde

OEFENTOETS 1. De tabel met cijfers [ ONDERAAN ] heb je nodig voor deze eerste oefening - de oefentoets als voorbereiding op het proefwerk over Excel, module 1. Neem alles precies over OF kopieer alles. Maak daarbij GEEN FOUTEN! De namen van leerlingen mag je zelf kiezen, als je dat wilt!

Met deze oefentoets kun je controleren of je alles uit Excel, Module 1 begrijpt en kunt. De bedoeling is dat je de tabel met cijfers in Excel zet [ ZIE ONDERAAN ]. Tijdens het maken van deze oefen-toets, kun je steeds informatie opzoeken, als je iets niet weet of niet kunt. Klik in dat geval op de samenvatting . Als alles duidelijk is, dan begin je aan de volgende punten.

  1. Het gemiddelde berekenen van drie proefwerk-cijfers (verticale berekening!).
  2. Voor het derde cijfer moet je eerst sorteren. Let erop dat je eerst ALLE cellen markeert.
  3. Bereken nu de drie gemiddelden. Zet de uitkomsten onderaan in de ZELFDE kolom als het cijfer.
  4. Het tweede proefwerk is erg slecht gemaakt (erg lage cijfers). Kijk naar het gemiddelde!
  5. Dus besluit de leraar om deze proefwerk-cijfers iets te verhogen (= op te hogen).
  6. De leraar kijkt eerst naar het gemiddelde van de drie proefwerken.
  7. Het hoogste gemiddelde blijkt de beste keuze te zijn, vindt de leraar. Ga na WAT dat is.
  8. Het tweede proefwerk moet daarom hetzelfde gemiddelde krijgen (vindt de leraar).
  9. De leraar kiest het juiste getal uit en vermenigvuldigt daarmee alle cijfers uit kolom D (cijfer 2).
  10. Ga na met welk getal (een breuk) je het tweede cijfer moet vermenigvuldigen. Gewoon nadenken.
  11. Vergelijk het gemiddelde van de cijfers. Het laagste cijfer moet je "verhogen" met .... procent.
  12. Bereken nu - netals de leraar - het "opgehoogde cijfer" voor het tweede proefwerk.
  13. Zet de uitkomsten in kolom F. Zet bovenin iets als "cijfer 2 plus" of "opgehoogd" of zo.
  14. Bereken NU het gemiddelde cijfer per leerling: cijfer 1, cijfer 2 (alleen opgehoogd cijfer !!!) en cijfer 3.
  15. Zet de uitkomsten in kolom G. Bereken het gemiddelde voor Marja en Mieke apart!
  16. Zet aan het eind alles weer in de juiste volgorde. Sorteer op leerlingnummers (kolom A).
  17. Pas de breedte van de kolommen aan als de tekst er niet in past.
  18. Voeg helemaal bovenaan twee (horizontale) rijen toe. Kijk eerst of je kunt "samenvoegen".
  19. Maak van alle cellen uit rij 1 en 2 - boven kolom A t/m G - EEN grote cel (cellen samenvoegen).
  20. Zet in die ENE grote cel "Resultaten van Klas 2" - boven de kolommen [ A t/m G ] die je hebt gebruikt.
  21. Zet die "Koptekst" in het midden (gecentreerd) en gebruik "vet" (vetgedrukt).
  22. Zorg voor een dikke rand (kies voor "omtrek") om de koptekst heen.

    Namen cijf1cijf2cijf3
    1marie 6,7 5,1 8,7
    2toon 6,1 5,3 5,5
    3roel 8,7 5,5 6,2
    4marco 7,3 4,3 8,6
    5suzan 7,9 4,3 5,8
    6rene 6,5 4,8 6,5
    7tim 5,5 5,5 6,9
    8marja 5,5 5,7
    9agaat 7,1 5,3 6,8
    10marc 8,6 4,3 5,5
    11martha 9,4 3,8 7,3
    12mieke 5,8 3,5
    13marijke6,8 5,4 7,1
    14manlio 6,9 6,8 6,7
    15jetty 6,2 5,4 9,4