Terug naar Informatiekunde


Excel, Samenvatting Module 2

Plakken Speciaal
Als je in een bepaalde cel een uitkomst van een berekening wilt hebben, dan gebruik je een formule of het menu linksboven. Wel moet je eerst in die cel gaan staan met je cursor. Soms wil je alleen maar de uitkomst zelf hebben en die bijvoorbeeld kopiëren naar een ander bestand. Als je later het bestand met de berekeningen weg gooit of verandert, dan is je kopie ook weg. Daarom is "Plakken Speciaal" zo handig.

Je berekent op de gewone manier je uitkomsten. Die zet je bijvoorbeeld in de cellen B2 tot en met B11. Van die cellen maak je nu een kopie en die zet je bijvoorbeeld in de cellen C2 tot en met C11. Je gebruikt nu NIET plakken, maar "Plakken Speciaal". Daarna moet je kiezen voor "Waarden". Je hebt nu een echte kopie van alle berekeningen.

Door het kopiëren heb je een extra rij of kolom gemaakt zonder formules. Zodra je kolommen hebt ZONDER formules, dan kun je die zonder gevaar "Transponeren" - draaien over 90 graden. Je verandert dus een kolom in een rij. Kies na het kopiëren "Plakken Speciaal" en daarna voor "Transponeren". Alle informatie, die eerst in een kolom stond, komt nu in een rij te staan (of andersom).

Grafieken maken
Als je gegevens hebt staan in b.v. cel B3 tot en met B12, dan kun je daar een grafiek van maken. Ga naar cel B3. Hou de muisknop ingedrukt en beweeg de "cursor" naar beneden. Stop pas bij cel B12. Klik nu bovenaan op de knop Invoegen en kies daarna voor "Grafiek". Kies voor een "lijngrafiek". Klik daarna 2 of 3 keer achter elkaar op "Volgende" en daarna op "Voltooien". Je hebt nu een grafiek gemaakt.

Grafieken maken van gewone cijfers lukt altijd. Soms gaat het mis omdat je geen echte cijfers hebt maar uitkomsten van formules (je hebt iets berekend en daarvan wil je een grafiek maken). Om het probleem makkelijk op te lossen, maak je van de berekende cijfers een kopie met “Plakken Speciaal” (waarden). Zo krijg je gewone cijfers: daarvan een grafiek maken lukt altijd.

Opmaak grafieken
Als je al een grafiek hebt, dan kun je snel de opmaak regelen of aanpassen. Ga ergens op een wit stuk van de grafiek staan. Je krijgt nu de tekst te zien "Grafiekgebied". Klik nu op je rechtermuisknop. Kies uit het menu dat je nu ziet voor: Grafiekopties en daarna voor "Titels". Vaak kom je direct al bij het stuk over "Titels" terecht.

Nu kun je een titel opgeven voor de grafiek zelf, voor de verticale as en voor de horizontale as. Doe dat en klik ergens anders. Je ziet nu de titels in de grafiek staan. Klik erop met je rechtermuisknop en kies voor "Opmaak van de titels". Kies een groter lettertype en eventueel ook een kleur.

Ga opnieuw ergens op een wit stuk van de grafiek staan totdat je de tekst ziet "Grafiekgebied". Klik nu op je rechtermuisknop. Kies uit het menu dat je nu ziet voor: Brongegevens en daarna voor "Reeks". Hier kun je de woorden Reeks1, Reeks2, Reek3, etc. veranderen in gewoon Nederlands (in een tekst). Doe dat.

Onderaan kun je nog wat anders opgeven: de labels, die horen bij de horizontale as (categorie as). Stel je voor dat er in kolom A namen staan. Dat moeten de “labels” worden. Heb je 10 namen staan in b.v. de cellen A3 tot en met A12, dan kun je dat onder "labels categorie as" opgeven. Je moet daarvoor intypen: =Blad1!$A$3:$A$12 want dat is de plek waar de namen staan. De eerste A slaat op de linker kolom. De 3 slaat op de derde cel van boven. De volgende A slaat op de laatste naam en de 12 slaat op de twaalfde cel van boven. Een moeilijke manier, maar het werkt goed.