Wiskundige Notaties
Op de site met Wiskundige Symbolen kun je meest gebruikte
notaties vinden - ook HOE je ze kunt maken in een programma als MS Word. Het komt hierop neer:
- Hoekpunten geef je aan met Hoofdletters zoals A, B en C
- Hoek A geef je aan als:
Ð
A
Als niet duidelijk is om welke hoek het gaat, dan gebruikt men een manier, die je in
Figuur 1 ziet staan in Hoek A
Je zet in feite een deel van een cirkel in de hoek waar het om gaat (Hoek A)
Voor hoeken gebruikt men ook vaak Griekse letters, dus: a, b, g,
enzovoort
Om een "rechte hoek" in bijvoorbeeld een driehoek aan te geven, gebruikt men het symbool
dat in Figuur 1 gebruikt werd voor Hoek B
Om een "rechte hoek" aan te geven in het geval dat twee lijnen "loodrecht" op elkaar
staan, wordt gebruik gemaakt van het volgende symbool: ^
|
Figuur 1
|
Nu je weet wat "rechte hoeken" zijn, gaan we in op andere hoeken. Dat kan een hoek zijn die
kleiner is bijvoorbeeld 60 graden, 45 graden, etc.. Die hoeken zijn NIET recht en dus ook
niet 90 graden groot. Deze hoeken noemt men "scherpe hoeken". Het kunnen ook hoeken zijn,
die groter zijn dan 90 graden. Bijvoorbeeld hoeken van 100 graden of van 140 graden. Deze
hoeken noemt men "stompe hoeken". Hiernaast staan tekeningen, die dit duidelijk maken. Let
er op, dat er steeds een deel van een cirkel is gebruikt om aan te geven WELKE hoek bedoeld
wordt.
Naast een "scherpe hoek" van 45 graden, een "rechte hoek" van 90 graden en een "stompe hoek"
van 135 graden, zie je ook nog een geheel andere hoek.
Met dit soort hoeken krijg je in de toekomst te maken: deze hoek is groter dan 180 graden en
vandaar ook dat het symbool in de hoek zelf nodig is. Indien dat ontbreekt, dan "leest"
iedereen dat als een hoek van 135 graden, terwijl de hoek die bedoeld wordt, 225 graden
groot is!
|
Figuur 2
|