Terug naar: Management en Organisatie
Home Page: www.wjsn.nl

MINICURSUS BEDRIJFSCULTUUR
tekst: Anouk Turkenburg
BRON: Elsevier, Thema, Juni 2005

Haal je alleen voor jezelf koffie, of moet je de hele afdeling rond? Elk bedrijf heeft zijn eigen regeltjes. Hoe herken je de bedrijfscultuur en hoe weet je of jij er wel op je plek bent? Vijf lessen.

Als je net bent afgestudeerd en aan je eerste baan begint, zit het met je vakkennis in de regel wel goed. Ingewikkelder is de omgang met collega's en leidinggevenden. Wanneer klop je bij je baas aan? Ga je elke vrijdag wat drinken met collega's? Haal je alleen voor jezelf koffie, of moet je de hele afdeling rond? Een bedrijf zit vol rituelen waar je als nieuwkomer (zeker als pas afgestudeerde) geen benul van hebt. Geert Sanders (62), hoogleraar Organisatiekunde aan de Universiteit Groningen: 'De bedrijfscultuur bepaalt voor een groot deel of je gelukkig bent in je werk en of je slaagt in je baan.' Hoe kun je zo'n bedrijfscultuur leren kennen? En hoe weet je of die bij je past? Een minicursus bedrijfscultuur in vijf lessen.

LES 1: ONTDEK JEZELF
Groot cliché, maar waar. Voordat je gaat zoeken naar een baan, is het slim om jezelf kritisch te analyseren. In welke cultuur kom jij het best tot je recht? Vraag dat ook aan vrienden. Het klinkt leuk dat een organisatie weinig regels heeft, maar misschien functioneer jij beter als procedures helder zijn. Caroline Dusschooten (40) is adviseur bij human resources adviesbureau GITP. Zij promoveerde in 2004 op de relatie tussen bedrijfscultuur en de persoonlijkheid van medewerkers. Volgens Dusschooten is bedrijfscultuur het gedrag waaraan medewerkers waarde hechten omdat het succes heeft opgeleverd. Dat gedrag wordt herhaald en raakt ingesleten in een organisatie. Lex van Vugt (47) is cultuurervaringsdeskundige. Hij deed als interim-manager verschillende projecten bij (semi-)overheidsinstanties, mkb-bedrijven en multinationals. Ook hij adviseert een zelfanalyse. 'Wil je niet meer dan acht uur per dag werken en hecht je aan vakanties, dan is een consultancyfirma niks voor jou.' Realiseer je goed dat je een bedrijfscultuur nooit kunt veranderen. Van Vugt zag mensen vol enthousiasme beginnen. 'Ze dachten dat ze die cultuur wel zouden veranderen. Het lukte nooit en uit frustratie raakten ze zelfs overspannen.' Des te meer reden om je huiswerk goed te doen.
Overigens kan het in sommige gevallen juist verstandig zijn om te kiezen voor een bedrijf waarvan de cultuur eigenlijk niet bij je past, maar doe dat dan wel bewust. Dusschooten: 'Ben je behoudend en wil je dat veranderen, dan kies je bewust voor een innovatief bedrijf.'

LES 2: BRENG DE CULTUUR IN KAART
Er zijn veel factoren die invloed hebben op een bedrijfscultuur, zoals internationale verschillen. Hoogleraar Sanders: 'Omdat Belgen Nederlands spreken, denken we dat ze erg op ons lijken. Belgen lijken echter meer op Fransen; ze zijn meer hiërarchisch en institutioneel.' Boeken en websites geven informatie over deze interculturele verschillen. Verder spelen zaken als de organisatiestructuur (is er een strikte hiërarchie?), de grootte van het bedrijf en grote veranderingen uit het verleden (ontslagrondes, fusies) een rol. Van belang is ook de voornaamste activiteit van een bedrijf; bij een creatief reclamebureau heersen andere omgangsvormen dan bij een farmaceutisch bedrijf. Ook de persoonlijkheid van de oprichter of belangrijke leidinggevenden kan verankerd zitten in de bedrijfscultuur.
Puur op basis van eigen ervaring komt Van Vugt tot drie hoofdcultuursoorten. 'De eerste is wat ik noem de mkb-cultuur: open en informeel. Iedereen weet van elkaar wat hij doet.' Ten tweede onderscheidt hij de cultuur van consultancyfirma's en accountantskantoren. 'Zeer professioneel met hoogopgeleide medewerkers, die veel meer dan acht uur per dag werken.' De derde cultuursoort noemt Van Vugt 'de politieke organisatie'. Kenmerk is dat er een klein groepje is dat ertoe doet. 'Daar moet je bij horen. Een soort corporale cultuur.' Houd bij je voorstudie van de bedrijfscultuur twee zaken in je achterhoofd. Dusschooten: 'Een: dé bedrijfscultuur bestaat niet, in elke organisatie zijn veel subculturen. Twee: het is een kwestie van waarnemen.' Verschillende mensen kunnen omgangsvormen heel anders ervaren. Van Vugt constateert zo'n verschil bij zijn huidige opdrachtgever: 'ik zie daar zo'n politieke cultuur, waar ik niet van houd. Anderen vinden het er juist prettig.'

LES 3: LAAT JE NIET INPAKKEN
Een bedrijf beschikt over veel informatie die je kan helpen bij je voorstudie. Bekijk de website: wat vindt het bedrijf belangrijk om uit te dragen? Vraag een jaarverslag, organogram en brochures op. Dusschooten adviseert ook het personeelsblad aan te vragen. 'Dat zegt veel over de manier van communiceren. Wat wordt erin besproken?' Eik bedrijf zegt wel dat er een open communicatiecultuur heerst. Onzin natuurlijk. De reactie op het opvragen van zo'n personeelsblad geeft een veelzeggend signaal af. Dusschooten: 'Als daar terughoudend op wordt gereageerd, weet je dat ze niet zo open zijn.' De allerbeste bron zijn de mensen die er werken. Vraag dus goed rond. Sanders: 'Let op hoe ze over het bedrijf praten. Je kunt ruiken of er trots in zit of dat ze een beetje mat zijn.' Het blijft lastig om door alle promotiepraat heen te prikken. Van Vugt: 'Het vergt een paar jaar werkervaring om dat in te kunnen schatten.'

LES 4: GEDRAAG JE ALS EEN DETECTIVE
Als je een afspraak hebt bij een bedrijf, is dat vaak je eerste 'echte' kennismaking. Sanders heeft een advies om snel veel te weten te komen over de bedrijfscultuur, maar het vraagt wat lef. Toen hij onderzoek deed naar organisatieculturen bij bedrijven, zorgde hij dat hij drie kwartier voor zijn afspraak bij het bedrijf was. 'Ik ging naar binnen met iemand met een toegangspasje en snuffelde vervolgens rond. Ik keek hoe mensen zich ophielden bij de koffieautomaat, hoe ze op hun werkplek kwamen, etcetera.' Een student van Sanders volgde deze tactiek voordat ze een sollicitatiegesprek had. 'Ze werd meteen aangenomen, want ze wist zoveel over het bedrijf.'
Voor wie iets minder sterke zenuwen heeft, is er gelukkig nog de theorie. Volgens Caroline Dusschooten geeft het Competing Values Framework van Robert Quinn een prima houvast om slimme cultuurgerichte vragen te stellen tijdens je gesprek (zie 'Slimme vragen' op deze pagina). Het model van Quinn heeft vier dimensies waarop een bedrijfscultuur scoort'. Die dimensies zijn mensgericht (medewerkers staan centraal), beheersgericht (regels en procedures zijn belangrijk), innovatief (er worden veel nieuwe producten of diensten ontwikkeld) en resultaatgericht (het eindproduct staat centraal). In elke organisatie zijn deze vier elementen in zekere mate aanwezig. 'Het model zegt niks over wat goed en slecht is,' waarschuwt Dusschooten. 'Het gaat erom wat bij jou past.'

LES 5: OBSERVEER MET EEN OPEN BLIK
Verlopen je gesprekken succesvol en word je aangenomen, dan heb je de bedrijfscultuur zelfs na deze grondige voorbereiding nog lang niet in de smiezen. De eerste maanden krijg je honderden boodschappen, van de rolverdeling tijdens vergaderingen tot het wel of niet geven van verjaardagscadeaus aan collega's. Dusschooten, Sanders en Van Vugt adviseren allemaal om in het begin zoveel mogelijk te observeren. Sanders: 'Begin een halfuur eerder dan de vroegste collega en ga een halfuur na de laatste weg. Dan kun je zo veel zien.' Hoe komen je collega's binnen? Sloffen ze? Groeten ze elkaar? Gaan ze meteen aan het werk? Wie gaat er als eerste weg? Let op: er gebeurt veel onderhuids. Sanders: 'De deur van je baas kan altijd open staan, terwijl er toch niemand naar binnengaat.' Van Vugt gaat in elk bedrijf mee lunchen, borrelen en draaft op bij alle bedrijfsevenementen. 'Ik moet me er soms toe zetten, maar je komt een hoop te weten. Bovendien wordt er altijd gepraat over de mensen die er niet zijn.' De eerste maanden zijn cruciaal. Dusschooten: 'Je bent nooit meer zo fris en onbevangen als in die periode.'
Probeer routines te vermijden en ga bijvoorbeeld steeds met andere mensen lunchen. Stel verder veel vragen, maar oordeel niet. Van Vugt: 'Zeg in het begin nooit iets over collega's. Hoe verleidelijk het ook is.' Iedereen wil zich graag aanpassen aan de omgeving. Het gevaar is dat je te veel meegaat in een cultuur die niet bij je past. Dusschooten adviseert daarom de eerste maand een dagboek bij te houden. 'Noteer wat je opvalt aan de omgangsvormen.' Na zes á zeven maanden ben je ingeburgerd in de bedrijfscultuur. Lees dan nog eens je dagboek. Misschien heb je je te veel aangepast aan het bedrijf en ben je jezelf niet meer.

Slimme vragen. Stel deze vragen om te ontdekken wat de bedrijfscultuur is:
MENSGERICHT
> Wat zijn mijn ontwikkelingsmogelijkheden?
> Waarop word ik beoordeeld?
> Welk gedrag wordt hier niet geaccepteerd?
> Zijn er bedrijfsuitjes? Waar gaan die naartoe?
> Wordt er veel geborreld?
RESULTAATGERICHT
> Krijg ik een target?
> Gaat het hier om kwaliteit of snelheid?
> Wordt er veel overgewerkt? Zo ja, hoeveel?
> Wordt dat apart beloond?
BEHEERSGERICHT
> Hoeveel procedures zijn er?
> Hoe streng worden die nageleefd?
> Word ik daarop ook afgerekend?
> Hoe hiërarchisch is de organisatie?
> Hoeveel wordt er vergaderd?
INNOVATIEF
> Wordt het ontwikkelen van nieuwe producten of diensten gestimuleerd?
> Hoeveel nieuwe producten worden er jaarlijks ontwikkeld?
> Hoe staan we ervoor in de markt?
> Is er een research-afdeling?